Sommige verhalen worden geschreven.
Andere verhalen worden herinnerd.
Toen ik begon te schrijven over Jeanne Panne, dacht ik dat ik een historisch personage had gevonden. Gaandeweg ontdekte ik iets anders.
Achter de naam Jeanne schuilde geen legende.
Geen sprookje.
Geen heks.
Maar een vrouw.
Een vrouw die leefde in het zeventiende-eeuwse Nieuwpoort.
Een vrouw die werkte, liefhad, hoopte en droomde.
Een vrouw die uiteindelijk slachtoffer werd van een tijd waarin angst vaak sterker sprak dan waarheid.
Hoe meer ik zocht, hoe meer ik ontdekte dat geschiedenis zelden zwart-wit is.
Bronnen spreken elkaar tegen.
Verhalen veranderen.
Sommige antwoorden zijn voorgoed verloren gegaan.
Misschien is dat precies waarom Jeanne me bleef fascineren.
Niet omdat ik alle antwoorden vond.
Maar omdat ik bleef zoeken.
Op 30 juni 2012 rehabiliteerde de stad Nieuwpoort officieel alle slachtoffers van de heksenvervolging.
Aan de Stadshalle hangt vandaag een gedenkplaat waarop hun namen worden vermeld.
Niet als heksen.
Niet als legendes.
Maar als mensen.
Mensen die eeuwen geleden werden veroordeeld.
Mensen die zichzelf nooit meer konden verdedigen.
Mensen die vandaag opnieuw een naam en een plaats in de geschiedenis krijgen.
De woorden onderaan de gedenkplaat raken mij telkens opnieuw:
'Wij buigen het hoofd en vragen vergiffenis.'
Misschien is dat wel het belangrijkste wat geschiedenis ons kan leren.
Niet alleen onthouden wat er gebeurd is.
Maar ook beseffen dat achter elke naam een mens schuilgaat.
Foto genomen door Ivan Peel.
Dank u wel!
Een persoonlijke noot:
Mijn romans over Jeanne zijn geen geschiedenisboeken.
Het zijn verhalen.
Verhalen geïnspireerd door een vrouw die werkelijk heeft bestaan.
Waar geschiedenis stopt, begint verbeelding.
En ergens tussen die twee vond ik Jeanne.