Code rood in de flipperkast - Geschreven door Medard

Gepubliceerd op 30 augustus 2026 om 14:58

Eigenlijk zijn we een beetje in ons gat gebeten. Daar ze nu besloten heeft om fictie te schrijven, worden we buitenspel gezet. Daarom hebben we ons voorgenomen, na lang debatteren, om haar blog te kapen. We nemen hier gewoon over. Want... De titel van deze pagina laat exact zien wie hier telkens het woord voert: de ziel. En haar ziel, dat zijn wij, haar Hufters, zoals ze ons noemt in haar schrijfsels.

Wie zijn we eigenlijk?

Mijne maat heet Gerard. Hij is de luidste van ons twee. Ik heb hem al duizend keer uitgelegd dat roepen geen zin heeft. Ze luistert toch niet, en al zeker niet als je decibels gebruikt. Het lijkt alsof ze immuun is voor individuen die toeteren. En Gerard heeft een missie. Hij wil de leeuw in haar temmen. Hij heeft hem zelfs een naam gegeven, namelijk Poesie. Geloof me... Dat beest is geen schoothondje. Hij heeft vlijmscherpe nagels en wanneer je langs zijn kooi passeert, gromt hij en toont hij zijn puntige tanden. Wie in zijn klauwen arriveert, wordt gewoonweg aan stukken gereten. Met Gerard is hij anders. Hij speelt met draadjes wol, legt zijn kop op Gerards schoot en hij spint. Ja man... Dat beest kan nogal lawaai maken als die moteur op gang schiet.

En ik ben dus Medard, de stille. Ik fluister altijd in haar linkeroor. Ze luistert meestal naar mij. Gerard is daar soms een beetje jaloers op, wat resulteert in gekibbel, ferme discussies en welles-nietes-spelletjes. Vandaar dat ze soms verloren loopt. Het gebekvecht tussen ons zorgt ervoor dat ze het even niet meer weet. Dan kruipt ze in haar schulp om na te denken. Haar veilige haven. Haar huisje met een tuin. O wee degene die haar uit die comfortzone haalt. Wanneer haar waakvlammetje verandert in een inferno, heb je geen tijd om weg te lopen. 

Deze morgen, het was bijna middag, werd ze wakker uit een slaap die haar overal en nergens had gebracht. Haar innerlijke klokken, Gerard en ik dus, hadden het laten afweten. We vonden het een goed idee om haar eens te laten uitslapen. Eigenlijk hadden we dit beter niet gedaan. Ze is wakker, maar Brein heeft nog zijn pyjama aan. Ze drinkt koffie, ze leest, ze typt,... Het zijn niet haar woorden. Het zijn de mijne. Ik voel dat ze nog moet bekomen van wat er gisteren gebeurde. En wij ook. Mijn vleugels trillen nog...

Het begon allemaal in de vroege namiddag. We zaten wat te lummelen op haar schouders. Het was gezellig. We genoten van Fleurs verhaal. De projector gaf ons beelden van de Provence, de Rhône, de smachtende liefde van de schaapsherder, en natuurlijk de tweestrijd van een vrouw die niet weet voor wie of wat ze moet kiezen. Om eerlijk te zijn... Fleurs Hufters maakten overuren, net als wij soms doen, want met haar hebben we nooit gedaan.

Gerard duwde ineens op de pauzeknop. Het was tijd voor koffie. Ze nam een slok, de zoveelste van de dag, en scrolde eventjes door het mijnenveld op sociale media. Ze las een bericht en hield haar vingers boven het klavier. We probeerden haar nog tegen te houden. Ik fluisterde: het heeft geen zin. Gerard riep: doe het niet! Ze mepte ons allebei van haar schouders, zoals ze doet met ambetante vliegen, en BOEM! Daar was de flipperkast weer.

Uit het niets dook er een anoniem profiel op. Laten we haar voor het gemak Mrs. T. de Alwetende noemen. Onder de woorden over licht en schaduwen lanceerde ze een paar gitzwarte spirituele raketten, recht op de filters van Brein af. En wat doet ze dan? In plaats van koelbloedig achterover te leunen, liet ze Poesie los. Echt waar! Haar rechtvaardigheidsgevoel vloog in de fik. Ze greep haar vlijmscherpe verbale deegrol en begon die Mrs. T. alle hoeken van de digitale kamer te laten zien.

Wij hielden onze adem in. Enerzijds stonden we te applaudisseren, want de spiegel die ze die Mrs. T. voorhield was een pareltje. Maar anderzijds zaten we met onze botten tot aan onze knieën in de modder. Gerard heeft ook de grootste moeite gehad om Poesie terug in zijn kot te krijgen. Vandaag staan zijn nekharen nog een beetje recht. En die van haar... Ze werd wakker en de gitzwarte sluier hing er nog steeds. ‘Zie je wel’, zeiden we tegen elkaar. ‘Ze is er weer ingetrapt. Gevangen in de flipperkast van een ander.’

Nu zit ze ondertussen aan koffie nummer drie. Ze leest. Ze glimlacht. De kosmos komt ons een handje helpen. De schaduwen lossen op. Daar is het licht terug. De mooie woorden die ze leest, raken haar enorm. Mr. B. schrijft dat hij lange tijd de matrix heeft aangevochten. Over die matrix zal Gerard morgen meer vertellen. Mr. B. vertelt dat hij zelfs ging demonstreren in Brussel. Dat hij trauma’s had opgelopen. Dat zijn Facebookpagina overloopt van de strijdige berichten. Hij werd meegezogen door de gitzwarte spiraal van het constante vechten tegen het systeem. Tot hij gisteren haar tekst las over de energetische flipperkast.

Haar woorden, of de onze, raakten hem recht in zijn ziel. Mr. B. begreep plotseling de grote kosmische grap: je breekt het systeem niet door ertegen te schreeuwen. Je breekt het door de strijdbijl te begraven, je rug resoluut naar de schaduwen te keren en je eigen rust op te eisen. Mr. B. stapte vanochtend uit de matrix, of hoe je dit lala-landje ook mag noemen. Hij koos voor de rust, het licht en de welverdiende stilte.

Ze neemt nog een slok koffie en staart naar zijn woorden. Brein trekt zijn pyjama uit. Hij denkt net hetzelfde als wij. Aan de ene kant heb je de anonieme strijders die via de virtuele flipperkast je energie proberen weg te vreten en je licht te doven. Aan de andere kant heb je de zielen die via een oprecht woord, woorden uit de ziel, de weg naar vrijheid en rust vinden.

We hebben zojuist haar voeten stevig in de grond geplant. We hebben de modder van gisteren van onze schoenen geschraapt en in de digitale vuilnisbak gekieperd. Vanaf nu verbieden we haar nog om ons in de modderpoel te duwen. Echte vrijheid is niet thuishoren in een wakkere club en het is ook niet vechten tegen de buitenwereld. Echte vrijheid is buiten elk systeem gaan staan.

Laat de ridders van de virtuele arena elkaar maar lekker lekprikken met hun spirituele arrogantie. Wij draaien haar rug definitief naar de schaduwen van dit aartsmoeilijke spel. We doen haar beseffen dat de woorden uit de ziel worden gelezen en dat sommigen er iets aan hebben. Dit kunnen we alleen maar toejuichen. En ook juichen we om het feit dat de Celestia, de trein van de voorverkoop, door het prachtige landschap verder dendert.

En nu genieten van een luie zondag, dankbaar zijn dat de zonen terug veilig thuis zijn na een nachtje stappen en stilletjes wakker aan het worden zijn, en misschien, heel misschien, krijgt ze nog een koffie.